Home   >  Venotonische middelen  >  Veneuze insufficiëntie, een chronische,...
19-05-2015

Veneuze insufficiëntie, een chronische, progressieve aandoening

venotonishe 18 miljoen Fransen lijden aan veneuze insufficiëntie. De aandoening komt vier keer vaker voor bij vrouwen dan bij mannen. Het gaat hier om een chronische en voortschrijdende aandoening en het is dan ook belangrijk direct bij de eerste symptomen in actie te komen. Bij het ontstaan en de ontwikkeling van de ziekte kunnen voeding en voedingssupplementen een groot verschil maken. Het gaat dan om plantenextracten van bijvoorbeeld paardenkastanje, druivenpitten of ginkgo biloba. Maar ook essentiële voedingsstoffen, zoals vitamine E kunnen een rol spelen bij deze aandoening.

Bij een veneuze insufficiëntie komen alle secundaire ziektebeelden voor die te maken hebben met de stagnatie in de aderen. Dit kan variëren van het gevoel van zware benen tot huidaandoeningen, en van tromboseverschijnselen tot aan oedeem. Men kan last hebben van nachtelijk krampen, spontane bloeduitstortingen, onrustige benen, spataderen en aderontsteking.

Oorzaken van veneuze insufficiëntie

Er zijn wetenschappers die beweren dat het gaat om primitieve afwijkingen in de aderwand waardoor de aderen verwijd raken en er stuwing ontstaat. Andere wetenschappers beweren dat deze aandoening te maken heeft met de voortdurende hoge druk in de vaten die ontstaat doordat men veel staat.

Er bestaan verschillende epidemiologische feiten die lijken aan te tonen dat onze Westerse voeding eveneens een fundamentele risicofactor is. Andere risicofactoren, zoals erfelijkheid, zwangerschap, een zittend leven, veel staan, overgewicht en hormoonschommelingen zouden slechts een rol spelen voor wat betreft iemands aanleg voor de aandoening. Deze factoren kunnen bijdragen aan het ontstaan van de ziekte en kunnen de ziekte verergeren. Door afwijkingen in de voeding kan de aderwand gevoelig worden voor druk of stuwing. Ook een niet-opgemerkte trombose zou hierdoor kunnen ontstaan.

Hoe merkt u het?

Een chronische oppervlakkige veneuze insufficiëntie kan volledig pijnloos zijn, of verschijnselen als zware, vermoeide benen of een diffuus of plaatselijk warm gevoel aan de benen veroorzaken. Deze verschijnselen betreffen meestal een deel van het been of alleen de enkels.
Men onderscheidt drie fases bij deze aandoening: in de eerste fase ziet men een matige verwijding van de ader. De benen zijn zwaar en enigszins opgezet aan het einde van de dag. Soms ziet men ook wat kleine gesprongen vaten. Het terugpompen van het bloed uit de aderen gaat moeizaam, maar het gebeurt nog wel. Wordt er in dit stadium geen behandeling ingezet, dan zal de aandoening zich vroeg of laat ontwikkelen tot het tweede stadium. Hierin ontstaan steeds meer duidelijke spataderen. Op dat moment wordt vaak een chirurgische ingreep ingezet, zoals sclerotherapie, echo-sclerotherapie of stripping. In de derde fase van deze aandoening zien we complicaties ontstaan bij personen die al jaren spataderen hebben die onbehandeld zijn gebleven.

Het mechanisme

Door stuwing in de aderen ontstaan beschadigingen in de aderwand: cellen in het endotheel van de ader raken minder doorbloed. Dit gaat gepaard met de activering van bepaalde stoffen in het bloed, zoals factoren voor de bloedstolling. De verminderde plaatselijke doorbloeding leidt tot de aanmaak van arachidonzuur onder invloed van fosfolipase. Prostaglandines zijn verantwoordelijk voor de vaatverwijding en bevorderen oedeemvorming. Fosfolipase A2 zorgt voor de aggregatie van polynucleaire neutrofielen en bloedplaatjes. Bij een chronische ontsteking produceren polynucleaire neutrofielen vrije zuurstofradicalen.

De rol van vitamine E

Onderzoek naar voedingsfactoren doet vermoeden dat een licht tekort aan vitamine E in combinatie met bepaalde omstandigheden (zoals een zwangerschap) een grote rol speelt bij deze aandoening. Veneuze insufficiëntie komt zelden voor in gebieden waar de voeding rijk is aan vitamine E. Vitamine E werkt in op de bloedstolling en de fibrinolyse. Het werkt ook in op de aderwand zelf.
In een artikel dat gepubliceerd werd in het Franse blad Phlébologie1), blijkt dat "het grote aantal gepubliceerde onderzoeken naar vitamine E vele artsen ervan heeft overtuigd in hun dagelijkse praktijk vitamine E voor te schrijven. Steeds meer flebologen schrijven het voor vanwege het effect van de stof op de bloedplaatjes en de algehele beschermende werking voor slagaders en aderen".
Er zijn aanvullende experimenten en onderzoeken uitgevoerd naar het effect van vitamine E op de bloedplaatjes, de wanden van aderen en andere bloedvaten. Ook is het effect van vitamine E op ontstekingen en op vrije radicalen onderzocht.
Er is onderzoek gedaan 2 bij de mens en op celculturen. In het onderzoek namen proefpersonen dagelijks 600 mg vitamine E in. Patiënten die vitamine E innamen produceerden veel minder hydrogene peroxide en hadden minder last van samenklonterende bloedplaatjes (trombocyten). Celonderzoek toonde een remmend effect aan op de trombocytenaggregatie en een vermindering van de hoeveelheid tromboxaan, een stof die de aanmaak van bloedpropjes bevordert.
Twee artsen hebben klinisch, epidemiologisch en experimenteel onderzoek gedaan naar vitamine E3. Ze onderstrepen dat vitamine E de groei remt van cellen van glad spierweefsel. Deze cellen reguleren de doorbloeding van de aderen en ander bloedvaten. Ten slotte vermindert vitamine E de neiging tot het vormen van bloedpropjes.
Uit een onderzoek dat werd uitgevoerd op4 celculturen, testten wetenschappers de effecten van vitamine E op de zogenaamde 'adhesiemoleculen' die de aanhechting van monocyten aan de vaatwanden bevorderen. Ook onderzochten ze het effect van vitamine E op de 'Nuclear Factor kappa-B' (NF-kB), die de bij ontstekingen betrokken genen stimuleert. Ontstekingen activeren de adhesiemoleculen. De resultaten toonden aan dat vitamine E bepaalde soorten adhesiemoleculen remt. Bovendien lijkt het de activiteit te verminderen van NF-kB, de factor die genen stimuleert die ontstekingen opwekken.

Extract van paardenkastanje

Het extract van paardenkastanje werkt met name in op het aantal en op de diameter van de kleine poriën in de capillaire membranen, waardoor de afvloeiing van vocht naar de omliggende weefsels wordt voorkomen. Dit 'stoppende' effect in de haarvaten verbetert de bloedstroom in de aderen en vermindert de stuwing in de kleine bloedvaten in de benen. Voor een in The Lancet gepubliceerd onderzoek5 werden 240 patiënten onderzocht met een chronische veneuze insufficiëntie die zorgde voor ernstige oedeemvorming in de benen. Nadat de patiënten 12 weken waren behandeld met paardenkastanje, was de hoeveelheid vocht in de benen verminderd met ongeveer 43,3 milliliter. In de placebogroep daarentegen constateerde men een toename van de hoeveelheid vocht met 9,8 milliliter.
In een klinisch onderzoek bij 35 patiënten met chronische veneuze insufficiëntie onderzocht men het volume van de voeten terwijl de patiënten lagen of stonden. Het extract van paardenkastanje bleek doeltreffend te werken tegen oedeem in de voeten in zowel liggende als staande positie, zonder dat het de kaliumgehaltes verminderde, een effect dat men wel ziet bij de diuretica.
Een andere studie naar oedeem in de benen leidde tot de conclusie dat de patiënten in alle posities een positief effect opmerkten van het extract (liggend, staand en zittend).

Het extract van paardenkastanje helpt bij het herstel van een adequate spanning in de aderen, oftewel: het zorgt ervoor dat de aderen dynamisch kunnen samentrekken tot de juiste druk in de aderen wordt bereikt. Ook helpt het extract de te grote doorlaatbaarheid van de capillaire vaten te corrigeren. Wanneer men bij de rat een middel injecteert dat ontstekingen opwekt, dan ziet men dat de lymfe-plasmabarrière tweemaal zo doorlaatbaar wordt. Dit heeft tot gevolg dat er tweemaal zoveel lymfevocht ontstaat. De stof escine, de belangrijkste stof uit het extract van paardenkastanje, zorgt dat de doorlaatbaarheid van deze lymfebarrière weer binnen de normale waarden valt.
Daarnaast remt het extract van paardenkastanje in twee belangrijke stappen het schadelijke domino-effect dat wordt veroorzaakt door hypoxie: de afname van het ATP-gehalte en de toename van de activiteit van fosfolipase (A2), een ontstekingsopwekkend enzym. Overigens zorgt escine ervoor dat cellen met hypoxie zich niet aan de binnenkant van de aderen kunnen hechten. En ten slotte gaat het paardenkastanje-extract de schadelijke effecten van vrije zuurstofradicalen tegen, helpt de bindweefselstructuur te stabiliseren en zorgt het ervoor dat de extracellulaire matrix intact blijft. Het remt de enzymen die proteoglycanen afbreken; dit is essentieel voor de stabiliteit en de werking van het bindweefsel.

Gotu kola of Centella asiatica

Centella asiatica is een tropische medicinale plant die reeds een bijzonder lang gebruik kent. Een groot aantal onderzoeken toont de doeltreffendheid aan van deze stof voor de behandeling van spataderen en/of veneuze insufficiëntie. Het versterkt het bindweefsel en verbetert de doorlaatbaarheid van de capillaire vaten. Er zijn onderzoeken gedaan met gotu kola, waarbij gebruik werd gemaakt van een vacuümpomp om de hoeveelheid vocht te meten die men door veneuze insufficiëntie verloor. Door de pomp op de huid van de enkel te zetten, wordt een zwelling gecreëerd. Wanneer de aderen in het been veel vocht verliezen, dan duurt het lang voordat deze met de pomp opgewekte zwelling weer verdwijnt. Een onderzoek heeft uitgewezen dat deze zwelling veel sneller verdwijnt bij patiënten met veneuze insufficiëntie wanneer zij gedurende twee weken gotu kola nemen. In een placebogecontroleerd onderzoek bij 52 patiënten met veneuze insufficiëntie vergeleek men de effecten van het gotu kola-extract in een dosering van 180 mg en 90 mg per dag met die van een placebo. Na vier weken van behandelen constateerden de onderzoekers verbeteringen tijdens verschillende metingen naar de werking van de aderen. Dit was niet het geval bij patiënten uit de placebogroep. Bovendien verbeterde ook een plaatselijk aangebracht extract van gotu kola de tonus van de aderen. Zo leidde een plaatselijke toepassing (6), drie maal per dag, tot een objectieve en subjectieve verbetering van de klachten bij patiënten met verschillende problemen aan het vaatstelsel, zoals aambeien en spataderen.

De flavonoïdes diosmine, hesperidine en troxerutine

Verschillende gecontroleerde, gerandomiseerde onderzoeken hebben de doeltreffende werking aangetoond van diosmine en hesperidine voor spataderen en aambeien, wanneer deze flavonoïdes in een specifieke verhouding van 9:1 worden gecombineerd.
Er zijn tal van onderzoeken bekend waarin is aangetoond dat beide stoffen de tonus en elasticiteit in de aderen verbeteren. Ze verbeteren de algehele gezondheid van de aderen en zorgen ervoor dat ze sterker worden. Ze verkleinen de kans op het ontstaan van aambeien doordat ze de tonus van de aderen op peil houden. Een gezonde tonus verkleint de kans op een stagnerende bloedstroom in de aderen.
In een publicatie7 over het gebruik van diosmine plus hesperidine als behandeling voor oedemen met een diverse oorzaak, passeerden drie onderzoeken de revue waarin men chronische veneuze insufficiëntie had onderzocht. De patiënten ontvingen in deze onderzoeken 1.000 mg flavonoïdes per dag gedurende een periode van 6 tot 8 weken. In elk van deze studies (met respectievelijk 200, 320 en 30 patiënten), zorgden de flavonoïdes voor een significante vermindering van het oedeem.
In een dubbelblind onderzoek8 bij 120 patiënten met aambeien werd nog eens de doeltreffende werking onderstreept van flavonoïdes. Het werd gedurende twee maanden in een dosering van 1.000 mg verstrekt en gecontroleerd tegen een placebo. De behandelde groep kreeg minder vaak te maken met hemorroïdale crises (40%, tegen 70% in de placebogroep) en de crises die ze ondergingen duurden minder lang (2,6 dagen tegen 4,6 dagen). Op een schaal van 1 tot 3 was de ernst van de groep die het supplement had ingenomen 1,1. Bij de placebogroep was dit 1,6. Een ander onderzoek9bekeek het effect van 100 patiënten die leden aan een acute hemorroïdale crisis. Zij kregen drie maal daags 1.500 mg van deze flavonoïdes gedurende de eerste vier dagen. Daarna kregen ze drie dagen lang tweemaal daags 1.000 mg. Een andere groep kreeg een placebo. De groep die het supplement had ingenomen toonde veel meer verbeteringen dan de placebogroep. De duur en de ernst van de crisis waren eveneens minder. Door gedurende twee maanden naast de conventionele behandeling een mix van 1.000 mg diosmine/hesperidine te geven10 aan patiënten met een gemiddelde leeftijd van 71 jaar met beenzweren door veneuze insufficiëntie, werd de volledige genezing van de zweren aanzienlijk versneld. In de groep die het supplement had ingenomen zag 32% van de patiënten dat de zweren genazen, tegen 14% in de placebogroep. In een ander onderzoek11 dat uitgevoerd is in Polen, kregen patiënten met een chronische veneuze insufficiëntie met beenzweren ofwel alleen de strandaard behandeling van compressie, ofwel een combinatie van de standaard behandeling en de supplementinname van diosmine en hesperidine. Patiënten die de supplementen hadden ingenomen, hadden een veel grotere kans op volledige genezing van hun zweren dan de patiënten die alleen de standaard behandeling hadden ontvangen. Dit onderzoek toont eveneens aan dat de conventionele behandeling, bijvoorbeeld met compressiekousen, gebaat kan zijn bij de supplementinname van flavonoïdes, aangezien dit de wondgenezing kan bespoedigen.

Tijdens een onderzoek dat werd uitgevoerd door de Technische universiteit van München12, kregen 16 vrijwillige en gezonde proefpersonen eerst twee weken een placebo. Vervolgens kregen ze gedurende drie weken tweemaal daags 500 mg troxerutine. Aan het begin van het onderzoek en in elke week van het onderzoek werd er een oedeem opgewekt bij de proefpersonen. Door de inname van troxerutine bleek het oedeem geleidelijk af te nemen. Omdat het hier ging om gezonde proefpersonen die niet waren gediagnosticeerd met veneuze insufficiëntie, blijkt uit deze resultaten dat troxerutine een beschermend effect heeft. Uit een ander placebogecontroleerd dubbelblind onderzoek13 bij 133 personen bleek troxerutine in combinatie met een compressiebehandeling veel betere resultaten op te leveren dan het gebruik van de compressiebehandeling alleen. 102 proefpersonen14 van 65 jaar en ouder ontvingen gedurende zes maanden 900 mg troxerutine per dag. De klachten van krampen, een zwaar gevoel of onrust in de benen namen af. 97 zwangere vrouwen15 met aambeien kregen dagelijks 1.000 mg troxerutine of een placebo. Na twee en vier weken van behandelen constateerde men dat de klachten bij de vrouwen die het supplement hadden ingenomen veel duidelijker waren afgenomen dan bij de vrouwen die een placebo hadden ingenomen. De bijwerkingen waren licht en van voorbijgaande aard.

Proanthocyanidinen

Proanthocyanidinen, die eveneens tot de groep flavonoïdes behoren, worden met name uit de schors van de zeeden uit Landes gewonnen (pycnogenol). Ze komen ook voor in druivenpitten en blauwe bosbessen. Ze stonden voorheen bekend om hun krachtige werking als antioxidant. Later heeft men eveneens aangetoond dat ze de enzymen hyaluronidase, elastase en collagenase remmen. Deze enzymen kunnen de bindweefselstructuren in verschillende weefsels afbreken, hetgeen leidt tot een grotere doorlaatbaarheid van de vaatwanden. Proanthocyanidinen hechten zich bij voorkeur aan plaatsen die gekenmerkt worden door een hoog glycosaminoglycanengehalte, zoals de wanden van de capillaire vaten. Deze eigenschap maakt dat ze uitermate geschikt zijn voor het verminderen van de doorlaatbaarheid van de vaten. Ze versterken de wanden van de capillaire vaten, verbeteren de werking van de vaten en zorgen voor een verbetering in de doorbloeding.
In vitro verbinden fibroblasten en gladde spiercellen van varkens zich in de aanwezigheid van proanthocyanidinen met elastine. Proanthocyanidinen onderhouden de vaatwanden en zorgen dat de werking goed blijft: ze beschermen elastine tegen afbraak door enzymen en bevorderen de interactie tussen de vezels en cellen. De toevoeging van 1 mg proanthocyanidinen per milliliter aan een menselijke celcultuur met cellen van zieke aderen, zorgde voor een vermindering van 34% van de hoeveelheid hyaluronzuur, hetgeen lijkt te duiden op een mogelijk effect waarmee veneuze lymfoedemen kunnen worden tegengegaan. Deze oedemen gaan vaak gepaard met een hoog hyaluronzuurgehalte. De wanden van spataderen wijken af van de wanden van gezonde aderen: ze bevatten minder collageen en meer proteoglycanen, en dan met name hyaluronzuur. Deze afname van collageen is mogelijk toe te schrijven aan de vernietigende activiteit van enzymen (waardoor collageen wordt afgebroken), maar ook aan het werk van vrije radicalen. Anthocyanosiden zijn ook nog eens krachtige antioxidanten die in staat zijn de schadelijke effecten van vrije radicalen tegen te gaan. In Frankrijk is een groot aantal onderzoeken uitgevoerd waarbij men druivenpitextracten gebruikte om verzwakte capillaire vaten en spataderen te behandelen. In een dubbelblind onderzoek16 kregen 71 patiënten met een veneuze insufficiëntie dagelijks 300 mg anthocyanidinen uit druivenpitextract, of een placebo. Bij 75% van de patiënten die het supplement hadden ingenomen werd een significante verbetering van de klachten geconstateerd. Bij de placebogroep was dit bij 41% het geval. Er zijn metingen uitgevoerd17 waaruit blijkt dat de toediening van een enkele dosis anthocyanidinen van 150 mg de tonus van de vaatwanden bij patiënten met spataderen verbeterde. Tijdens een klinische test18 werd een groep geriatrische patiënten met zwakke capillaire vaten behandeld met 100 tot 150 mg anthocyanidinen of een placebo. Na twee weken werd een verbetering geconstateerd bij de helft van de patiënten die het supplement had gebruikt.
Uit onderzoek bij de mens is gebleken dat pycnogenol, een extract uit de Franse zeeden, de trombocytenaggregatie vermindert. Tijdens een onderzoek19 werd de doeltreffendheid gemeten van pycnogenol als behandeling van chronische veneuze insufficiëntie. In de eerste fase gaven onderzoekers 20 proefpersonen twee maanden lang drie maal daags een placebo of 100 mg pycnogenol. In de tweede fase van het onderzoek kregen nog eens 20 extra proefpersonen dezelfde dosis pycnogenol.
In de eerste fase waren de klachten van zware benen bij mensen die het supplement hadden ontvangen met 60% verminderd en was het onderhuidse oedeem met 74% afgenomen. In de tweede fase waren de klachten van zware benen met 44% afgenomen en was het oedeem met 53% verminderd. De druk in de aderen was significant afgenomen door de behandeling met pycnogenol. Ook was het functieverlies van de vaten teruggedrongen, waren de ontstekingen in de vaatwanden verminderd en was het onderhuidse oedeem afgenomen.
In een ander dubbelblind onderzoek kregen 40 patiënten met een chronische veneuze insufficiëntie en spataderen willekeurig gedurende twee maanden drie maal daags 100 mg pycnogenol of een placebo toegediend. De behandeling zorgde voor een aanzienlijke vermindering van het onderhuidse oedeem. Ook de klachten van zware benen en pijn in de benen waren na 30 en 60 dagen van behandeling afgenomen. Bijna 60% van de patiënten die pycnogenol had ingenomen, constateerde dat het oedeem volledig was verdwenen, evenals de pijn. Alle patiënten meldden dat het gevoel van zware benen afgenomen was. Bij 33% van de patiënten was dit gevoel zelfs volledig verdwenen.


Referenties

1 «Vitamine E en phlébologie », Phlébologie, 1999,52, n°53, 341-345
2 Pignatelli P, Pulcinelli FM, Lenti L et al., «Vitamin E inhibit collagen-induced platelet activation by blunting hydrogen peroxide», Arterioclerosis, Thrombosis and Vascular Biology, 1999;2542-2547.
3 Emmert DH et Kirchner JT, «The role of vitamin E in the prevention of heart disease», Archives of Family Medicine, 1999 ;8 :537-542
4 Islam KN, Devaraj S, Jialal I. «Alpha-tocopherol enrichment off monocytes decreases agonist-induced adhesion to human endothelial cells”, Circulation, 1998;98:2255-2261.
5 Diehm C, et al. “Comparison of leg compression stocking and oral horse-chestnut seed extract therapy in patients with chronic venous insufficiency”, Lancet, 1996;3;347(8997):292-4
6 Allegra C, Pollari G, Criscuolo A et al., « Centella asiatica extract in venous disorders of the lower limbs. Comparative clinico-instrumental studies with a placebo”, Clin. Ter, 1981;88:507-513.
7 Oiszewski W. “Clinical efficacy of micronized purified flavonoid fraction in edema”, Angiology, 2000;51(1)25-9.
8 Godeberge P, “Daflon 500 mg in treatment of flavonoids pertaining to inflammation”, Angiology, 1994;45:574-8.
9 Cospite M « Double-blind, placebo-controlled evaluation of clinical activity and safety of Daflon 500 mg in the treatment of acute hemorrhoids », Angiology, 1994 ; 45 (6 Pt 2) :566-73.
10 Guihou JJ, Fevrier F, et al. « Benefit of a 2-month treatment with a micronized, purified flavonoidic fraction on venous ulcer healing. A randomised, double-blind, controlled versus placebo trial”, Int J Microcirc Clin Exp, 1997; 17 sipple 1:21-6
11 Glinski W, Chodynicka Bet al., “ Effectiveness of a micronized purified flavonoid fraction in the healing process of lower limb ulcers,.” Minerva Cardioangiol. , 2001;49:107-14.
12 Rehn D, et al. «Time course of the anti-oedematous effect of O-(beta-hydroxyethyl)-rutosides in healthy volunteers”, Eur. J. Clin. Pharmcol., 1991;40(6):625-7.
13 Unkauf M et al, “Investigation of the efficacy of oxerutins compared to placebo in patients with chronic insufficiency treated with compression stockings”, Azneimittelforschung 1996;45(5):483-7.
14 McLennan WL, et al. « Hydroxyethylrutosides in elderly patients with chronic venous insufficiency : it efficacy and tolerability”, Gerontology,1994;40(1):45-52.
15 Wijayanegar H et al. “A clinical trial of Hydroxyethylrutosides in the treatment of hemorrhoids of pregnancy”, J. Int. med. Res. 1992;20(1):54-60.
16 Thebaut JF, Thebaut P, Vin F, « Study of Endotelon in functional manifestation of peripheral venous insufficiency. Results of a double blind study of 92 patients” Gaz. Med; France, 1985;92:96-100.
17 Royer RJ, Schmidt CL,, «Evaluation of venotropic drugs by venous gap plethysmography. A study of procyanidolic oligomers”. Sem. Hop, 1981;57:2009-2013.
18 Dartenuc JY, Marache P, Choussat H, «capillary resistance in geriatry. A study of a microangioprotector Endotelon”, Bor Med, 1980;13:903-907.
19 Petrassi C, Mastromarino A, Spartera C, “Pycnogenol in chronic venous insufficiency”, Phytomedicine, 2000 7(5) :383-8.
Voedingsstoffen bestellen die gerelateerd zijn aan dit artikel
VeinoMax

Verbeterde samenstelling voor gezondere bloedvaten

www.supersmart.com
Horse Chestnut Extract

Verbetert de doorbloeding van de benen

www.supersmart.com
Centella asiatica

Gestandaardiseerd extract met 20% asiaticosiden en madecassosiden

www.supersmart.com
Taxifolin

In Rusland gebruikt vanwege de vele gunstige toepassingsmogelijkheden

www.supersmart.com
Lymphatonic

Gestandaardiseerd extract van Melilotus officinalis met 18 % coumarine
Beschermt lymfesysteem, bevordert de circulatie

www.supersmart.com
Natural E 400

400 IE d-alfa-tocoferol, natuurlijke vorm van vitamine E

www.supersmart.com
Ontdek ook
24-08-2016
Taxifoline: belangrijk voor gezonde haarvaten
Er zijn meer dan 600 onderzoeken uitgevoerd naar de effecten van taxifoline, met name in Rusland. Deze krachtige flavonoïde wordt gewonnen uit de Siberische lariks....
Lees verder
10-04-2017
Extract van honingklaver gunstige werking bij oedeem...
Het gestandaardiseerde extract van honingklaver verlicht op effectieve wijze de klachten bij lymfoedeem en chronische veneuze insufficiëntie. Het belangrijkste bestanddeel coumarine (behoort tot de benzopyronen),...
Lees verder
31-07-2019
Natuurlijke oplossingen voor zware benen
Vakantie, dat betekent meestal relaxen en genieten. Dit weldadige gevoel kan echter behoorlijk verstoord worden als de temperaturen fors stijgen. Het warme weer gaat immers...
Lees verder
Volg ons
Kies de gewenste taal
nlfrendeesitpt

Gratis

Dank u voor uw bezoek. Voor u vertrekt:

MELD U AAN VOOR
Club SuperSmart
En profiteer
van exclusieve voordelen:
  • Gratis: wekelijkse al uwwetenschappelijke publicaties van "Nutranews"
  • Exclusieve aanbiedingen voor clubleden
> Doorgaan